Gratis Verzenden vanaf 45 €

De overvloed aan natuurlijke rijkdommen zorgde ervoor dat de cultuur van Tartessus zich rijkelijk ontwikkelde.

De vruchtbaarheid van de grond en de grote aanwezigheid van grondstoffen zorgden ervoor dat de metalurgische kunsten tot grote hoogte stegen en een civilisatie ontstond met een goede sociale samenleving en verfijnde kunsten., zoals de schat van Carambolo bewijst welke men vlakbij Sevilla heeft ontdekt. De koning van de Tartessianen dreef handel met de Britse eilanden en had goede contacten met andere volkeren van de Mediterranee, zoals de Grieken en vooral de Fenisiers. Aangetrokken door de natuurlijke rijkdom en het aangename klimaat, de Feniciers startten de kolonies Gadir ( Cadiz), Malaka ( Malaga ), Sexi ( Almuñecar ) en Abdera ( Adra).

 Romeinse schat

Het Amfitheater van Italica.

De aankomst van de Carthagenen, welke meer interesse hadden in verovering dan handel, markeerde het einde van de Tartessus. Later, na de Punische oorlogen ( 3e eeuw na Christus ), kregen de Romeinen de overmacht in de Mediteranee en converteerden het grootste deel van het huidige Andalusie in een provincie van het Romeinse rijk. Deze provincie werd Betica, dit in refereerend aan de grote rivier welke deze doorkruiste ( Door de arabieren eerder Betis en Guadalquivir genoemd ).

 Tartessos

Met de overmacht van Rome werden vele overblijfselen van de Iberische cultuur uitgeveegd welke herinnerde aan de Tartessus. RomeAndalusie nam dit model met gemak over en profiteerde van zijn voordelen. Betica ontwikkelde zich al snel tot een van de meest rijke provincies van het Romeinse rijk, waar vooral veel metalen, wijn, olie en graan werd verworven. zorgde ervoor dat hun systeem overal werd doorgevoerd, van politiek tot aan de kunst.

Betica was de bakermat van de keizers Trajano en Adriano, en beroemde denkers zoals Seneca. Enkele van zijn steden die uitblonken waren Corduba ( Cordoba ), Hispalis ( Sevilla ), Astigi ( Ecija ) en Italica. De ruïnes van deze laatste zijn goed bewaard gebleven en kan men bewonderen in de stad Santiponce, op enkele kilometers van Sevilla.

Met het verval van het onderste rijk, vanaf de 5e eeuw, begon de aankomst in Andalucia van grote aantallen volkeren van het noorden van Europa. De Vandalen en de Visigoden waren de meest bekende. Een stelling zegt dat daar de naam Andalusie vandaan komt. De regio werd Vandalucia genoemd door de Vandalen of Landa–Hlauts ( kavels in oud Duits ) en de Visigoden gebruikten termen die verbasterden tot het Arabische Al-Andalus.

De Visigoden zorgden voor de eerste koning in Hispanie, namen deels de Romeinse cultuur over en het christelijke geloof. Een van hun Bisschoppen, San Isidoro van Sevilla, achterliet een van de meest belangrijke geschriften uit die tijd : de Etimologias. Het werk van deze geestelijke veronderstelde een eerste terugkeer naar de heidense wereld na het offensief van de barbaren en laat veel denkwijzen en teksten uit klassieke oudheid zien.